Mooiste

18 juli 2018

Het strandje van Solsida blijkt eveneens via een ander pad te bereiken te zijn. Bij een eerder bezoek kwam ik via het aangrenzende haventje en had ik ruzie met een hek dat de doorgang versperde.

Vandaag niet. Er is een wandelpad met aan weerszijde de zo bekende roze en witte bloempjes van een verder groene struiken, die hier in de regio ook dienst doen als scheiding in de middenberm van de autosnelweg.

Een bord geeft aan dat het verboden is voor Perros. Zo heet ik niet, dus ik loop door. Het is best een steil pad en al vrij snel sta ik op de begane grond met de voeten op de kiezels.

Ik herinner mij dit strandje waar ooit creatieve en geduldige badgasten de hele dag de tijd namen om torentjes te bouwen van kiezelstenen. Als ik het doe dan dondert na drie steentjes het geheel om, hier stonden wel bouwsels van zeven of acht stenen hoog. Nu niet meer.

Omdat je van kiezelstenen onder je handdoek een houten kont krijgt, wat al heel bijzonder is, heeft de badgast anno 2018 er een deugd van gemaakt om muurtjes te stapelen van de grootste stenen.

Hierdoor zijn nu op het strand een soort van kamertjes ontstaan. Een bijzonder gezicht. Per kamer is er plek voor twee handdoeken. Er zijn geen handdoeken, er zijn geen badgasten op dit vroege uur van de dag.

Even verderop staat een bord dat waarschuwt voor vallende stenen die aan de rechterzijde van een berg rollen. Nu is hier de berg links van mij, dus waag ik het er maar op om door te lopen.

Doordat er twee stenen ontbreken valt het op dat er iemand ooit een door de natuur gevormde nis onder een enorm rotsblok heeft dichtgemetseld met de aanwezige stenen, waardoor het oogt als een natuurlijk stenen muurtje. Door de twee gaten valt het nu pas op.

Nieuwsgierig naar wat er achter zit werp ik een blik naar binnen. Zoals verwacht ben ik niet de eerste, het is er een rotzooitje met afval.

Aan het einde van het strandje zijn alle aanwezige, ik ben nog steeds alleen, gelijkgestemd. De neuzen wijzen allemaal dezelfde kant op. En ik kijk nu naar de Altea versie van Mount Rushmore maar nu vanaf de andere kant. Hier vandaan is het zicht niet bijzonder. Ik draai om en zie in de verte een man met twee honden aankomen.

Nadat we elkaar begroet en gepasseerd hebben loop ik nog wat verder richting het haventje. Hier wederom een bord dat het verboden is voor Perros, maar nu met de afbeelding van een hond erbij.

De man van zojuist had duidelijk zijn bril niet op. Er staat verderop nog een bord dat aangeeft dat nog meer richting het zuiden een speciale 'Beach for Pets' is. Nu vind ik kiezels onder mijn schoenzolen al niet alles, laat staan hondendrollen, dus keer om en beklim het pad van eerder weer en voel de stijging in korte tijd naar 30 meter boven NAP al behoorlijk in de kuiten.

Ik stuur even later de auto richting een parkeerterrein aan de noordkant van Altea. Hier kan de Rio Algar in zee stromen, echter er is geen Rio en geen Algar, wel een fraaie boogbrug en vlakbij zee een zoutwater poeltje. Daar is de familie Gans aan het pootje baden. Als ik wat dichterbij kom voor een foto word ik aangestaard maar ze vliegen niet weg. Bijzonder want er ligt vlakbij wel een leeg gedronken blikje Red Bull en dat spul geeft toch vleugels, zo beweert de fabrikant.

Ook hier is sprake van een kiezelstrandje. Ik ontdek dat er ook inklapbare strandstoelen bestaan met wieltjes, dat is nog eens een handige uitvinding. De stoelen zijn niet bezet, de eigenaren liggen als aangespoelde zeehonden te bakken op hun handdoek.

Wij hebben geen vakantie geboekt in een luxe resort met zeer veel fraai ogende mede vakantiegangers, dus moet ik de ogen de kost geven met wat er in het wild rondloopt.

Op de wandelpromenade langs het strand word ik ingehaald door een dame. Ik sta namelijk te treuzelen om een foto te maken met het kenmerkende kerkje met blauwe koepel van Altea op de achtergrond.

De dame in kwestie heeft een bikinibroekje van kruipende stof. Bij gevolg geeft het meer bil prijs dan ze bij vertrek van huis bedacht had. Ik zit er niet mee. Wanneer ze dan ook nog plots rommel opraapt van het plaveisel kan mijn dag niet meer stuk.

Toegegeven het is niet de strakste bilpartij ooit waargenomen, de tand des tijds heeft ook hier toegeslagen. Maar bij wie niet?

Heel confronterend zijn de spiegelende winkelruiten hier. Die tonen toch echt moeders mooiste niet meer en ook dat is vreemd, want ben de enige.